Pasta

Ik heb een pastamachine gekregen, zo een apparaat waarmee je pastadeeg kan rollen tot plakken. Het werkt met twee walzen die je deeg van een dikke plak in een dun vel walzen. Je moet het deeg een aantal keer door de walzen laten gaan en de walzen iedere keer dichter bij elkaar zetten. Als je een plak hebt, dan kan je een ander deel van de machine er op zetten en dan door walzen met een motief halen, dunne slierten en brede stroken.

Toevallig zag ik gisteren op tv een van de vele kookprogramma’s, ik kijk er niet vaak naar, maar gisteren stond er een of andere Brit met een Italiaans accent pasta te maken. Met mijn machine. Hij maakte in een soort van masterclass voor twee dames een soort van macaroni. Niet van die lullige elleboogjes die je hier van de Honig koopt, maar lange smalle buisjes van een centimeter of zes. Ik heb ze wel eens eerder gezien, lang geleden. Het was (waar anders) in Italië, in Verona als ik het mij goed herinner. Ik moet een jaar of tien geweest zijn.

Afijn, ik hield toen al van pasta en we gingen in Italië uit eten, dus nam ik pasta. Ik zag van alles op de kaart staan, maar liet mijn moeder uitkiezen. Zij vond dat ik nou maar eens de echte versie van mijn favoriet moest gaan eten, de Bologna-variant van de rode saus over de pasta. Ze bestelde ook iets dat mij in de oren klonk als macaroni.

Ik kreeg inderdaad een soort van macaroni, maar dan dus langer dan wat ik van thuis kende. De saus was rood, dat wel, maar bestond op het eerste gezicht uit niet meer dan gehakt en tomatenpuree. Een tegenvaller, want ik was bont gevulde sauzen gewend. Mijn moeder stelde mij gerust toen ik ontkende dat dit Bolognesesaus was. “Dit is nou hoe ze het echt maken, proef nou maar eerst”; zei ze me.

Ik denk dat toen ik mijn eerste hap nam, ik verkocht was aan mijn tong. Ik heb die smaak later nog vaak geprobeerd te evenaren en het lukte me aardig. Een eenvoudige smaak van gehakt, tomatenpuree en kruiden. Niks meer. Ik leerde toen wat proeven was. De pasta smaakte niet naar wat ik gewend was, de textuur was anders, de smaak paste niet bij wat ik gewend was.

Toen ik op mijzelf ging wonen, moest ik ook koken. Geen probleem, want ik kon het al. Niet vierkeer per week pizza en de andere dagen patat en af en toe macaroni, maar gevarieerd. ontdekken, Gewoon wat kopen en kijken wat ik er mee kan. Nog steeds trouwens. Ik at ergens in een restaurant spitskool, een groente die ik vergeten was en kocht er in de supermarkt een. Niet gehinderd door enige kennis der materie ben ik dat ding gaan snijden en opbakken.

Ik hou van koken, maar ook van mijn eigen smaak bepalen, wat ik zelf lekker vind. Sauzen uit een pakje heb ik jaren geleden al afgezworen, toen ik merkte hoe makkelijk een roux te maken was. Veel minder zout, dus meer smaak. En zo ben ik zo af en toe met meer dingen bezig. Nu dus ook pasta, zelf maken. Kijken of witte wijn in plaats van water ook een idee is. Eigen ravioli, tortellini, dat soort dingen, eindelijk eens van die ellendige rolletjes voor cannelloni af. Gewoon een vel en daar je vlees in rollen, zoveel makkelijker!

Ik pretendeer geen meesterkok te zijn, ik kook voornamelijk naar mijn eigen smaak en goeddunken. Zo vaak kook ik niet voor anderen en ik heb ook nooit aspiraties gehad om kok te worden. Zeker niet om mee te doen aan een of ander programma waarin andere koks je gaan afkafferen om wat je kookt. Ik ben mijn eigen jury. Nu gaat er een nieuw hoofdstuk in mijn eigen kookboek beginnen: pasta.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: