Berlijn

Ik zit regelmatig in treinen, maar ik kan niet zeggen dat ik zo een herinnering aan een treinreis heb. Misschien daardoor juist. Maar als ik dit verhaal lees, dan schiet één reis mij te binnen. Ik had een Domino-kaart gekocht voor Duitsland, waarmee ik drie dagen vrij door Duitsland kon reizen. Het was 10 augustus 1999. Dat ik die datum nog precies weet, ligt er aan dat ik met twee vrienden de zonsverduistering ging bekijken. Maar dat was één dag heen en één dag terug, ik had dus nog een dag over. 

Ik wisselde 55 gulden in om aan vijftig mark te komen, daarmee zou ik ruimschoots de dag wel door moeten komen daar in het verre Berlijn. De rest van de honderd gulden die ik had, zou ik in Berlijn ook wel kunnen wisselen als dat nodig was. Ik liep door de nauwe gangen van de wagons en zocht een coupé uit zonder de gele briefjes die een reservering aangaven. Zes zitplaatsen, vier asbakken, voor mij alleen. Ik bereidde mij voor op een dag slenteren door Berlijn, eens kijken of ik een plan kon maken wat ik daar wilde.

Het nummer Oost-Berlijn van Het Klein Orkest kwam in mij op en zachtjes zong ik de tekst. Unter den Linden, de Kuhrfurstendam, Kreuzberg, de Gedagnischkirche, het Alexanderplein, de straatnamen die in dat liedje voorkwamen, ik zou ze gaan bezoeken. En fotograferen, daar was ik toen erg fanatiek mee bezig. Een stem met een erg deftig Engels accent deed mij opschrikken uit mijn dagdroom over Berlijn; “Are any of these seats taken?” In de deuropening van de coupé stond een meid van mijn leeftijd met een rugzak die een kop groter was dan haar. “No, except from this one, have a seat”; antwoordde ik haar en ze koos de stoel tegenover mij aan het raam.

Jane heette ze en ze zou na de zomer gaan studeren. Haar ouders hadden haar op pad gestuurd vanaf hun vakantie in Zuid-Frankrijk, ze had zich daar namelijk verveeld en geklaagd dat ze in Europa nooit verder was gekomen dan Zuid-Engeland en Frankrijk. Nu zou ze drie weken lang langs de hoofdsteden van Europa trekken, zodat ze wat van de wereld had gezien als ze ging studeren.

Zij vond het maar een raar idee dat ik ‘zomaar op een trein stapte’ en ergens heen ging zonder plan. Zij had een reisschema dat van dag tot dag vermeldde waar ze heen moest en hoe laat de trein weer zou vertrekken naar de volgende stad. Ook stond per stad vermeld wat ze absoluut gezien moest hebben, keurig geprioriteerd. We verschilden dag en nacht van elkaar. Ik met een blonde paardenstaart tot ver op mijn rug, zij met keurig geknipt gitzwart haar tot op haar schouders. Zij van de welgestelde landadel in Zuid-Engeland en ik uit een gezin met een premie-A woning. Zij tot in detail voorbereid en ik met een attitude van ‘we zien wel’.

Van alles kwam voorbij, maar vooral waar zij en ik vandaan kwamen, we scheelden nog geen week in leeftijd en toch zulke verschillende levens. Het verbaasde ons beiden. Dieper reden we de Duitse nacht in en bij de catering haalden we bier en wijn. Ze had een kaarsje bij zich en het werd gewoon gezellig daar in die coupé. De stoelen gingen in de slaapstand en daar lagen we, te ouwehoeren over van alles en nog wat.

Toen we voor de zoveelste keer aan elkaar hadden beloofd dat we zouden gaan slapen kwam buiten de zon alweer op boven de Oost-Duitse heuvels. Ik had haar inmiddels uitgelegd wat mijn plan was en hoe ik daar op was gekomen. Ik zong voor haar het liedje, vertaalde het en legde de betekenis uit. Ik beloofde het aan haar op te sturen als ik weer thuis was.

In Berlijn stapten we uit en we gingen de straten af die ik had genoemd. Op Unter den Linden vonden we de Russische ambassade, die had zij op haar lijstje staan en zo werkten we onze beider lijstjes af. Tussendoor praten en praten, eindeloos praten. In Berlijn kan je niet anders dan over de Koude Oorlog beginnen en dus over politiek, ook daar verschilden we als dag en nacht.

De dag vorderde en we aten en dronken samen nog wat in een kroeg. Ik moest mij haasten, want mijn laatste dagtrein naar Amsterdam zou ook vertrekken en mijn kaartje zou verlopen. Op het perron namen we afscheid alsof we al jaren vrienden waren. Ik stapte op de trein naar Amsterdam, haar trein naar Warschau zou vlak daarna vertrekken. Ik beloofde plechtig haar Amsterdam te laten zien.

Drie weken later kwam ze inderdaad in Amsterdam. Ook daar hebben we een fantastische dag gehad en ik heb haar verteld en laten zien wat ik wist. Die avond namen we voor de tweede keer in korte tijd afscheid op een perron, zij stapte op de Etoille du Nord naar Parijs, ik op tram 4 naar de Pijp.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: