Toverfluit

De man speelde op zijn fluit, dat deed hij vaker, want dat vond hij prettig. Het was niet eens de muziek die hij zo graag wilde maken, hoewel hij dat best wel kon. Het was eerder wat de fluit deed. De fluit was namelijk niet zomaar een fluit, het was een toverfluit.

Als de man op zijn fluit speelde, dan was er weer dat effect. Dat effect dat hij zo graag zag, het effect van zijn spelen op zijn fluit. Hij wist dat. Als hij op zijn fluit speelde gingen de vrouwen om hem heen zingen. Hij hield van dat zingen. Hij hield er heel erg van, het deed hem goed.

Het was hem eerst niet opgevallen, hij had gewoon op de markt zitten spelen en even verderop was er een vrouw gaan meezingen. Zachtjes, lieflijk, op zijn melodie. Hij had het door en veranderde zijn melodie. Zij begon een ander liedje te spelen.

Eerst was het er één geweest, die hem met haar gezang had gevleid. Daarna waren het er twee en steeds meer.en meer. Uiteindelijk had hij een heel koor aan vrouwen om zich heen verzameld, die hem allemaal stonden toe te zingen. Hij genoot. Zij genoten van zijn fluitspel, ze wilden zingen. Voor hem.

Het vreemde aan de toverfluit was dat hij er niet eens op hoefde te spelen om de vrouwen die het gehoord hadden, te laten zingen. Ze hadden eens genoten van zijn fluitspel en bleven zingen. Ergens in de ijdele hoop dat hij weer zou gaan spelen. Dat deed hij ook wel, zo af en toe een paar noten, maar dat was meer om de groep zangeressen te laten groeien.

Hun verlangen naar zijn fluiten maakten hen blind en doof. Ze zagen de anderen niet en ze hoorden hen ook niet zingen. Hun blik en gehoor was gefocust op die man met zijn fluit. Hij speelde alleen voor haar, zo dacht elk van hen. Steeds hetzelfde melodietje. Misschien was dat het betoverende effect van het fluitje.

Zijn spel was het niet, dat was gewoon zoals elk ander de fluit bespeelden. Het simpele hout waar het fluitje uit was gesneden zou het ook niet geweest kunnen zijn. De tonen waren soms zuiver, soms vals, verschrikkelijk vals. Toch bleven de dames zingen als hij valse noten speelde, zingen voor hem en hij genoot.

Aan de overkant van de straat zat een oude man toe te kijken. Ergens met verwondering waarom de fluitspeler meer vrouwen naar zich toe lokte met zijn fluitspel. Aan de andere kant kende hij de afloop van het verhaal. Steeds harder zouden ze gaan zingen en hij zou zijn gefluit niet meer horen en geen melodie meer gaan houden. Hij had dit vaker gezien, onafwendbaar, maar de vraag was hoe lang het zou duren.

De vrouwen zouden stoppen met zingen, de betovering zou verbroken worden en de fluitspeler zou er met alleen zijn fluit blijven zitten. Alleen zijn fluit, geen toverfluit. De oude man pakte even zijn eigen fluit van het tafeltje naast hem, blies een korte noot en hoorde in zijn hoofd het gezang weer dat hem niet zo genoegzaam had gesteld, maar wel had bekoord.

Hij legde zijn fluit weer neer en droomde weer weg.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: