Hoe ze verdween

Het was een rustige dag met weinig aan de hand. Tot dat bericht kwam, zomaar uit het niets, voor mij dan. Voor haar was er een aanleiding en of die met mij te maken had? Ik zou het niet weten, want ik weet van niks. Toch betrek ik het nog steeds op mijzelf, maar ik accepteer het, omdat dat nou eenmaal zo moet van mij. En niet dat het geen pijn doet, maar die draag ik wel. Voor haar.

Ze ging omdat zij dat wilde, of omdat zij vond dat het nodig werd. Ik heb niet gevraagd naar de reden, maar feit is dat ze weg is. Nou ja, iets verder weg dan, vooruit. Maar het contact is er niet meer, dat is weg. Afgeschermd om een reden. En ik doe er aan mee. Waarom? Voor haar. Als zij dat nodig heeft, dan geef ik dat. Maar het doet wel verschrikkelijk pijn.

Nog elke dag als ik haar naam zie, nog elke dag als ik het summiere contact met haar heb, nog elke dag als ik even mijn gedachte naar haar laat uitgaan. Het blijft pijn doen. Een diepe pijn die ik moeilijk kan verbergen, maar zal verbergen. Omdat het niet om mij gaat. Oh, dat zeker niet, ik leef wel voort. Maar met een gemis.

En ik weet wel dat ik het kapot heb gemaakt. Uiteraard heb ik het gedaan, wie anders? Ik ben immers degene die verlaten is, die uitgesloten wordt en die nauwelijks meer aangesproken wordt. Ik besta nauwelijks meer of lijk nooit te hebben bestaan. Ik weet dat het anders is, althans, dat dat gezegd wordt. Veel blijk wordt er niet van gegeven. Maar ik ben het dus.

En het frustrerende is dat ik niet weet hoe en wat. Ik heb er nachten van wakker gelegen en lig dat nog steeds. Een verongelijkt gevoel druk ik weg, het is immers ieders recht om te kiezen. Alleen maken de waaroms van de keuze (of de onkunde daarvan) het moeilijk om de keuze echt te aanvaarden. Is het wel de keuze die ik zie? Ik heb geen idee meer.

Radeloos maal ik en druk enge gedachtes weg. Gissend naar wat ik toch verkeerd deed en vooral wat ik verkeerd doe. Keer op keer. Iets moois weggegooid, al zou ik niet weten wanneer en waarheen. En steeds weer die pijn. Ik wil schreeuwen, ik wil schelden, ik wil haart eens flink door elkaar schudden. Kijk wat je met mij hebt gedaan en kijk wat je met mij doet!

Maar dat is niet. Het is niet mijn recht om zo te spreken. Het is niet mijn recht om te eisen. Ik had iets beloofd en heb mij aan mijn belofte gehouden. Zoals ik mij zoveel mogelijk aan mijn beloftes hou. Ik kan haar niet vragen, zeker niet als het antwoord niet komt. En zo ben ik achtergebleven in een moeras van gevoelens waar ik niet in zal wegzakken.

Ik mis je verschrikkelijk, maar jij maakte een keuze. Die keuze is ook aan jou, dat gun ik jou omdat jij meer voor mij betekent dan ikzelf. En je hoeft ook niet te weten dat het pijn doet, je zou je schuldig gaan voelen, zo ben jij. Dat wil ik dan ook weer niet. Ik stel voor dat je vindt dat ik overdrijf, dat ik het nog niet begrepen heb en dat ik verder moet gaan. Lijkt mij het beste als je dat vindt.

Want ik schreef laatst nog dat mensen niet van zichzelf moeten uitgaan. Daar sta ik ook nog achter. Maar deze pijn is echt en hij moet er uit. Schreeuwend als het kan, zonder je oren te pijnigen. Ik ben achtergebleven waar anderen weer terugkeerden of kwamen. Ik weet niet of ik ooit nog terug kan komen. De pijn zal vanzelf wegebben, net als de gedachte aan mooie dingen. Een stukje harder geworden ga ik verder.

Denkend aan wat je ooit zei. Laat je het nog zien?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: